EIRENE's burgervredeswerk in Niger
EIRENE werkt in Niger niet alleen aan vrede, maar ook aan ontwikkeling. Meer informatie over EIRENE's ontwikkelingsprojecten in Niger vindt u hier.
De projecten die EIRENE ondersteunt
In Niger ondersteunt EIRENE twee projecten op het terrein van burgervredeswerk, namelijk:- GENEVICO - Opbouw van een netwerk van trainers in geweldloze conflicthantering
- Hantering conflicten rondom gemeentelijke herindeling in de regio Tera

"Caravane pour la paix"
in Niger
Achtergrondinformatie over de situatie in Niger
Niger, waarvan een derde van de oppervlakte uit woestijn bestaat, is een van de armste landen van de wereld. Het overleven van de bevolking wordt hoofdzakelijk door de landbouwproductie en veeteelt veilig gesteld. De uitdijing van de woestijn en de bevolkingsdruk zijn de oorzaken voor het opraken van de bronnen van inkomsten en dat leidt op zijn beurt tot steeds talrijker wordende conflicten. Vanwege het onvoldoende opgeleid rechtssysteem en de ontoereikende competenties in de civiele maatschappij grijpen tegenstanders in dergelijke conflicten steeds vaker terug op geweld.
Niger wordt tegenwoordig door een democratisch gekozen regering geleid. Na de opstand van de Touareg in het noorden van het land, na de dictatuur en het overheidsgeweld, bevindt het land zich op de weg naar een pluralistische democratie. Naast de economische problemen betekenen de beperkte capaciteiten van de overheidsinstellingen evenwel een hindernis voor de ontwikkeling van Niger. De talrijke conflicten op het terrein van de landbouwgrond en de natuurlijke hulpmiddelen, vaak leidend tot sterfgevallen, zijn een uitdrukking van deze stand van zaken. Deze conflicten, ook al gaat het vaak alleen om kleine ruzies om akkers, kennen veel te vaak een bloedig einde. Dit is niet in de laatste plaats omdat noch de overheids- noch de traditionele structuren over de competenties of de middelen beschikken om preventief te handelen of om alternatieve procedures te vinden om het conflict redelijk op te lossen. Daardoor ontstaat een verlies aan vertrouwen, die wederom tot een teruggrijpen op gewelddadige “oplossingen” leidt. Volgens een studie uit het jaar 1999 zijn de conflicten in Niger eerder intern dan extern van aard. Enkele markante punten:
- Conflicten in samenhang met politieke macht: politieke
partijen,
legermacht, burgerlijke maatschappij en fundamentalistisch-religieuze
groepen;
- Etnisch georiënteerde conflicten: in het
bijzonder de strijd
van de Touareg en Toubou tegen de staat alsook tussen de verschillende
etnische groepen zoals Touareg, Toubou, Arabieren, Peulhs en Haussa;
- Conflicten met de overheidsinstanties
- Sociale conflicten, in het bijzonder tussen de
elite en de mensen die van hen afhankelijk zijn (bij de Touareg en de
Arabieren),
tussen de generaties (vooral bij de Touareg na de opstand), tussen
vrouwen en de door mannen gedomineerde structuren.
Het meest in het oog springend zijn echter de conflicten over natuurlijke hulpbronnen. Dit zijn vooral conflicten tussen veehouders (zowel nomaden als sedentair) en boeren, maar ook tussen de veehouders onderling en parallel daaraan tussen de boeren onderling. De oorzaken van dergelijke meningsverschillen zijn vooral te vinden in droogtes, woestijnuitbreiding en bevolkingsdruk.
De ‘oplossers’ van de conflicten, in de eerste plaats de traditionele autoriteiten maar ook wel de overheidsautoriteiten evenals instanties binnen ontwikkelingsprogramma’s, zijn overbelast. Vaak werken zij langs elkaar heen, niet zelden in tegenspraak met elkaar. De wetgeving zoals het familierecht of het strafrecht stellen de kaders waarbinnen de staat en de traditionele autoriteiten interveniëren kunnen en moeten. Dikwijls is dit kader bij de lokale rechtsprekende instanties onvoldoende bekend; Het wordt niet toegepast of de autoriteiten interveniëren te laat, vaak vanwege een gebrek aan middelen. De slachtoffers zijn meestal de kwetsbare geledingen in de samenleving: vrouwen, kinderen, gemarginaliseerde groepen.
De regering probeert de situatie te verbeteren. Daartoe moeten de staatsstructuren gedecentraliseerd worden en moeten ‘ronde tafels’ voor conflictoplossing ingesteld worden. In deze context vindt dit project plaats. Het moet duurzame competenties bewerkstelligen bij actoren uit de burgerlijke maatschappij, in het bijzonder op het lokale niveau.


